Afgunst

In de stad is het gemakkelijker afgunst verzamelen
waar je een mens van kunt bouwen voor op het voeteneind van je bed.
Het bestaat uit lege bierblikjes, gebruikte condooms,
een afgebroken hak van een meisje dat giechelend de nacht uit valt.

In de ochtend is de mens het meest aanwezig. Het volgt je naar de supermarkt,
kijkt zwijgend naar de twee slavinken in hun verpakking op het aanrecht.
Doet nooit gezellig mee met bordspelletjes in de kroeg maar loert rond,
houdt anderen angstvallig in de gaten.

Zit permanent op dat krukje in je hoofd; past weinig anders naast.
Een arm wellicht. Die je om je heen kan slaan wanneer je terugfietst
en de stad is donker en de zon die opkomt
lijkt vanaf je zadel op een niet te blussen brand. 

 

Gepubliceerd in het literaire magazine Meander (2017)